Omgevingsplan

In het Omgevingsplan staan alle regels over de fysieke leefomgeving die de gemeente stelt binnen haar grondgebied. Het plan geeft meer concreet uitwerking aan de (maatschappelijke) opgaven uit de gemeentelijke omgevingsvisie. Gemeenten hebben tot 2029 de tijd om dit omgevingsplan vast te stellen.

Tijdelijk omgevingsplan tot 2029

Met de invoering van de Omgevingswet komt het omgevingsplan in de plaats van het bestemmingsplan en de gemeentelijke verordeningen, die over de fysieke leefomgeving gaan. Tot eind 2029 (of tot de datum waarop de gemeente overgaat naar het definitieve omgevingsplan) bundelt het tijdelijke omgevingsplan de regels die nu zijn opgenomen in het bestemmingsplan, de welstandsnota en een aantal regels over archeologie in de lokale erfgoed- of monumentenverordening.

De regels uit de erfgoed- of monumentenverordening die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving, moeten in 2029 opgenomen zijn in het omgevingsplan. Voor onroerend cultureel erfgoed mag de erfgoedverordening dan alleen nog andere regels omvatten, zoals een subsidieregeling. Op grond van de Erfgoedwet blijft de erfgoedverordening wel onverkort mogelijk voor de bescherming van roerend cultureel erfgoed (cultuurgoederen) en immaterieel cultureel erfgoed.

Cultureel erfgoed in het omgevingsplan

Gemeenten moeten in het omgevingsplan rekening houden met (het belang en het behoud van) cultureel erfgoed en werelderfgoed. Dit gebeurt door middel van een inventarisatie en analyse van het binnen de gemeente aanwezige cultureel erfgoed (en werelderfgoed). Rekening houdend met de uitkomsten hiervan, dient de gemeente een toereikend beschermingsregime in het omgevingsplan op te nemen voor het daarvoor in aanmerking komende cultureel erfgoed.

Cultureel erfgoed als onderdeel van de fysieke leefomgeving bestaat uit vijf elementen:

  • monumenten (zoals (bouw)werken, tuinen en parken),
  • (bekende of  verwachte) archeologische monumenten,
  • stads- en dorpsgezichten,
  • (delen van) cultuurlandschappen en
  • roerend of immaterieel cultureel erfgoed, voor zover dat onderwerp kan zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties in het omgevingsplan (zoals een haven met historische schepen).

Omgevingsplan opstellen

Gemeenten hebben tot 2029 de tijd om een omgevingsplan op te stellen, maar het is verstandig dat gemeenten nu al aan de slag gaan. De primaire vraag is: welke elementen van cultureel erfgoed (of werelderfgoed) bevinden zich binnen de gemeentegrenzen of direct daarbuiten, en wat willen (of moeten) we daarvan beschermen?

Vervolgens staat de gemeente voor de keuze: hoe willen we het voor bescherming in aanmerking komende cultureel erfgoed concreet beschermen? Daarbij wordt rekening gehouden met de instructieregels in de artikelen 5.130 en 5.131 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) en de algemene regels uit hoofdstuk 13 en 14 van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) (rijksmonumenten en werelderfgoed).

Ondersteuning vanuit de RCE

De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) geeft informatie en algemene adviezen over hoe gemeenten cultureel erfgoed (en werelderfgoed) kunnen beschermen en benutten, en hoe cultureel erfgoed op te nemen in het omgevingsplan. Dit doet de RCE o.a. tijdens netwerkbijeenkomsten en pilotprojecten.

Daarnaast ontwikkeldt de RCE publicaties, zoals de Handreiking Begrippenkader cultureel erfgoed onder de Omgevingswet. Dit begrippenkader dient als handvat voor gemeenten om begrippen voor cultureel erfgoed eenduidig toe te passen in het Omgevingsplan. Ook delen wij praktische kennis en voorbeelden over hoe cultureel erfgoed in te zetten als participatie-instrument in het omgevingsplan. Deze informatie is gebundeld op de pagina Participatie.

Meer weten? Kijk voor algemene informatie over de Omgevingswet en het omgevingsplan op aandeslagmetdeomgevingswet.nl. Onderaan deze pagina vindt u tevens een overzicht van digitale kennis- en inspiratiebronnen over (de rol van) cultureel erfgoed in het omgevingsplan.