Weblog

Van oude meesters tot scheepswrakken: 7 voorbeelden van Nederlandse sporen in Amerika

Zo’n 5 miljoen Amerikanen beschouwen zichzelf (deels) als afstammelingen van Nederlanders. Toch weten de meesten weinig over de lange geschiedenis die beide landen delen. In Nederland is dit niet anders.

Schets met daarop: Gezicht op een klein stadje aan een rivier, voorstellend Nieuw Amsterdam, thans New York, 1680 – 1709
Beeld: ©RCE / Schenk, P.
"Nieu Amsterdam, een stedeken in Noord Amerikaes. Nieu Hollant, op het eilant Mankattan: namaels Nieu jork genaemt, toen 't geraeckte in 't gebiet der Engelschen." Ets door P. Schenk, 1680 - 1709.

Onze gedeelde geschiedenis met de Verenigde Staten begon in 1609, toen de Engelse zeevaarder Henry Hudson in dienst van de VOC een Amerikaanse rivier opvoer die later naar hem werd vernoemd. De gezochte alternatieve route naar Azië vond hij niet, wel vruchtbaar land met mogelijkheden voor handel. Deze verkenningstocht legde de basis voor een handelspost die in de eerste helft van de 17e eeuw uitgroeide tot de kolonie Nieuw-Nederland, met als belangrijkste stad Nieuw-Amsterdam. De Engelsen noemden Nieuw-Amsterdam later New York.

Nederlandse waarden leven voort?

Hoewel deze episode slechts tot circa 1674 duurde, wordt er in de Verenigde Staten nog steeds bij stil gestaan. Bijvoorbeeld tijdens de jaarlijkse Dutch-American Friendship Day op 19 april en Dutch-American Heritage Day op 16 november. In 2019 voegde de stad New York daar de jaarlijkse viering New Amsterdam Cultural Heritage Day, op 8 april, aan toe. Bij de instelling van deze vieringen werd onder andere verwezen naar waarden als religieuze vrijheid en tolerantie, die dankzij Nieuw-Nederland zouden voortleven in de Amerikaanse samenleving.

Nederlandse migratie naar VS

In de afgelopen vier eeuwen zocht ongeveer een half miljoen Nederlanders een nieuw bestaan in Amerika. Deze beweging concentreerde zich vooral tijdens drie periodes. De eerste periode was de 17e eeuw, toen de West-Indische Compagnie een handelsnederzetting vestigde aan de oostkust van de huidige Verenigde Staten die uitgroeide tot de kolonie Nieuw-Nederland. Tijdens de tweede migratieperiode, van 1845 tot de jaren 1920, vestigden Nederlandse migranten zich vooral in het Middenwesten van Amerika. Hierbij was de groep protestanten die zich sinds 1834 van de Nederlandse Hervormde Kerk had afgescheiden het meest zichtbaar. De derde migratieperiode vond plaats van 1938 tot 1962 en werd, net als die van een eeuw eerder, aangezwengeld door economische depressie. Deze stroom bevatte naast relatief veel gereformeerden ook Nederlandse Indiërs uit (het voormalige) Nederlands-Indië, die vooral naar Californië trokken.

[De tekst gaat verder onder de foto]

Schilderij door Len Tantillo van Fort Orange and the Patroon’s House.
©Len Tantillo
Len Tantillo - Fort Orange and the Patroon’s House. Fort Oranje, een houten vesting, werd in 1624 in gebruik genomen door WIC.

Talrijke sporen van Nederland in Amerika

Dat de historische relaties met Amerika sporen hebben nagelaten in Nederland lichtten we uit in een eerdere blog. Maar ook in de Verenigde Staten zijn talrijke verwijzingen naar ons gedeelde verleden te vinden; in plaatsnamen (Coney Island: Konijneneiland), Nederlandse leenwoorden (dollar: daalder) en gerechten (pancakes: pannenkoeken), maar ook in gebouwen, begraafplaatsen, scheepswrakken en museale collecties. In deze blog belichten we een aantal van deze voorbeelden, maar er zijn er nog veel meer.

1. Nederlandse Scheepswrakken

De maritieme relatie tussen Nederland en Amerika is eeuwenoud. Het was de Verenigde Oost-Indische Compagnie die op zoek naar nieuwe routes en afzetmarkten al in het begin van de 17e eeuw de oostkust van Amerika aandeed. Na oprichting van de West-Indische Compagnie werd besloten om een handelspost te installeren in het huidige Manhattan in New York. De tijdelijke verblijfplaats werd permanent en daarmee ontstond ook een continue verbinding tussen Nederland en Amerika. Schepen voeren af en aan en Nederlandse schepen vergingen voor en op de kust.

[De tekst gaat verder onder de foto]

Foto van SS Arundo
©US Coast Guard
SS Arundo

Die – vermoedelijk tientallen - wrakken liggen er nog altijd. Sommige zijn al aangetroffen en onderzocht, zoals De Braak die in 1798 verging (onder Britse vlag) en het mysterieuze Roosevelt Inlet wrak. Beide schepen liggen in de Delaware baai. Andere zijn nog steeds vermist, zoals de Tijger uit 1600. Dit was het eerste Nederlandse schip, in eigendom van de Van Tweenhuysen Compagnie, dat verloren ging aan de Oostkust van de Verenigde Staten.

Ook in de Tweede wereldoorlog vergingen veel schepen en dan met name Nederlandse koopvaardijschepen. Denk hierbij aan de SS Arundo bij New York of de mv Mamura.

De fascinerende geschiedenis van deze en andere schepen, is te vinden op de website MaSS.

2. Hollandse schuren

Op het Amerikaanse platteland is de aanwezigheid van de Nederlanders nog altijd zichtbaar. Migranten nemen vaak tradities en gewoontes uit hun vaderland mee en de Nederlanders die naar Amerika togen vormden daarop geen uitzondering. In ons land hadden boerderijen een woon-en werkfunctie onder één dak en dat was in die tijd ook in Amerika het geval. Dit type boerderij wordt een housebarn genoemd.

[De tekst gaat verder onder de foto]

foto van een Dutch barn uit ca. 1800 in de staat New York
©RCE
Dutch barn uit ca. 1800 in de staat New York

Onder invloed van het klimaat, de bouwmaterialen, de leefomstandigheden en de komst van de Engelsen, ontwikkelden de boerderijen in ‘het nieuwe land’ zich vanaf de tweede helft van de 17e eeuw tot een nieuw type: de Dutch Farmstead. Dit type bestond uit een vrijstaand woonhuis (Dutch house), een schuur (Dutch barn), in sommige gevallen een arbeiders- of slavenwoning, een buiten-wc en een hooiberg. De functies bevonden zich dus in afzonderlijke gebouwen.

De meeste Dutch Farmsteads hebben de loop der eeuwen niet overleefd en zijn slechts op onderdelen bewaard gebleven. Maar van de Dutch barn zijn nog tal van voorbeelden vindbaar.

Meer weten over Dutch barns? Lees dan het artikel dat hierover eerder verscheen: Kort bewind met blijvende invloed.

3. Pinkster

Nederlandse migranten brachten de Pinksterviering in de 17e eeuw naar de Hudson Valley, waar deze feestdag zich op een eigen manier ontwikkelde. Voor Nederlandse kolonisten was “Pinkster” een religieuze vakantie die werd gevierd door naar de kerk te gaan en buren op te zoeken. Kinderen verfden eieren en aten speciale lekkernijen. Voor hun Afrikaanse slaafgemaakten was Pinkster ook een belangrijke viering. In de loop der tijd drukten ze hier zelfs zo hun eigen stempel op dat Pinkster niet meer werd gezien als een Nederlandse, maar als een Afrikaans-Amerikaanse traditie.

[De tekst gaat verder onder de foto]

foto van mensen die Pinkster vieren in Crailo State Historic Site, 2018
©NYS Office of Parks, Recreation and Historic Preservation
Pinkster viering in Crailo State Historic Site, 2018

Omdat ze vaak verspreid door de regio woonden, was Pinkster de enige periode in het jaar waarop de Afrikaanse slaafgemaakten vrij waren en familieleden en vrienden konden bezoeken. Velen reisden van het platteland naar New York City waar een grote gemeenschap van zowel slaafgemaakte als vrijgemaakte Afrikanen woonden. Tijdens Pinkster vermaakten de Afrikaanse slaafgemaakten zich door hun eigenaren te persifleren en de sociale orde tijdelijk om te keren door het kiezen van een “Pinkster King”. Belangrijk was ook dat Pinkster ze de gelegenheid bood uitdrukking te geven aan de eigen cultuur en tradities door te geven.

In New York State hebben verschillende historische huizen, die nu worden gebruikt als museum, Pinkster nieuw leven ingeblazen. De viering brengt Nederlandse en Afrikaanse tradities, zoals eieren verven, steltlopen, Afrikaanse muziek en dans en storytelling, samen. Hiermee laten deze musea zien dat ook de staat New York een geschiedenis van slavernij kent en dat deze onlosmakelijk is vervlochten met die van de Nederlandse en andere Europese kolonisten.

Voor meer informatie:

What is pinkster
Dutch New York Histories: Connecting African, Native American and Slavery Heritage
NY State Parks - Crailo State Historic Site

4. Begraafplaats Sleepy Hollow, New York

Tientallen Amerikaanse begraafplaatsen herinneren ons aan het gezamenlijke verleden met Nederland. Een van die begraafplaatsen ligt in het plaatsje Sleepy Hollow. In de 18e eeuw stond Sleepy Hollow ook wel bekend onder de naam ‘Beekmansdorp’.

In 1784 werd Petrus van Tessel (1728-1784) begraven op het kerkhof van Sleepy Hollow. Van Tessel was een nazaat van Nederlandse kolonisten die vanaf 1621 in de Hudson Valley neerstreken. Op zijn steen vinden we naast het Nederlands ook de Latijnse en Engelse taal. Het bordje naast de grafsteen laat zien dat Van Tessel deelnam aan de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog (1775-1783). Het kleine kerkhof maakt onderdeel uit van een complex met een kerk die in opdracht van Frederick Philipse (1626-1702) werd gebouwd.

Van Tessel trouwde met Katharina Ecker, die de inspiratie vormde voor ‘de Katrina’ in het verhaal ‘The Legend of Sleepy Hollow’, geschreven door Washington Irving. Het verhaal is onderdeel van zijn verhalenbundel ‘The Sketch Book of Geoffrey Crayon’, ook wel bekend als een van de meest gelezen Amerikaanse verhalen. Daarnaast was het verhaal inspiratiebron voor de film ‘Sleepy Hollow’ van Tim Burton (1999).

Ook op Arlington National Cemetery is Nederlands erfgoed te vinden. Lees hier over het Netherlands Carillon.

5. 48 Hudson Avenue, Albany

Op het adres 48 Hudson Avenue in Albany, zo’n 150 mijl buiten New York City, bevindt zich een van de weinige, oudste en best bewaarde exemplaren van Nederlandse bouwkunst in Hudson Valley; het gebied dat door Russell Shorto wordt geroemd als ‘the cradle of New Netherlands’ in zijn bestseller The Island at the Centre of the World. Het bescheiden maar betekenisvolle Van Ostrande-Radliffhuis, dat dateert uit 1728, dankt zijn naam aan de eerste en tweede eigenaar van het pand. Het kenmerkt zich door zijn met baksteen gevulde houten vakwerkbouw. Dit is een bouwwijze die hier door Nederlandse migranten is geïntroduceerd en in de 17e en 18e eeuw karakteristiek was voor de gehele Hudson Valley. Daarmee is het een significante verwijzing naar de historische banden tussen beide landen.

[De tekst gaat verder onder de foto]

foto van een groep bezoekers bij het pand 48 Hudson Avenue
©Historic Albany Foundation
48 Hudson Avenue

De Historic Albany Foundation (HAF) zet zich met veel enthousiasme in voor het behoud van dit pand dat inmiddels al weer lange tijd leegstaat en zijn betekenis in de huidige stedelijke dynamiek dreigt te verliezen. Het Nederlandse Consulaat in New York en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed ondersteunen de HAF in zijn streven het Van Ostrande-Radliffhuis een nieuwe en actuele plek te geven in het hedendaagse Albany.

6. Hollandse Oude Meesters in de Verenigde Staten

De Hollandse oude meesters zijn bijzonder populair in de VS. Kunstwerken van Rembrandt van Rijn, Johannes Vermeer, Frans Hals, Judith Leyster en meer zijn door de gehele VS te bewonderen, bijvoorbeeld in het Metropolitan Museum of Art in New York, de National Gallery of Art in Washington, het Getty Museum in Los Angeles en het Art Institute in Chicago.

Een wel heel bijzondere collectie bevindt zich in het Museum of Fine Arts in Boston. In 2017 ontving het museum een uitzonderlijke gift van 114 17e eeuwse Nederlandse en Vlaamse oude meesters. De echtparen Rose-Marie en Eijk van Otterloo en Susan en Matthew Weatherbie doneerden niet alleen hun bijzondere collecties maar deden tevens een schenking om het Center for Netherlandish Art op te richten.

[De tekst gaat verder onder de foto's]

Het Center wordt in de herfst van 2021 geopend en heeft als missie om multidisciplinair onderzoek te stimuleren, de toekomstige generatie van wetenschappers en curatoren op te leiden en Nederlandse en Vlaamse kunst met een breed publiek te delen om de waardering van de oude meesters te vergroten. Om uitwisseling tussen Nederland en de VS te stimuleren richtte het Ministerie van Buitenlandse Zaken in 2018 het Kingdom of the Netherlands Fund for Dutch Scholars op, waarmee Nederlandse onderzoekers naar Boston kunnen reizen.

Meer informatie: MFA Center for Netherlandisch Art

foto van Molen De Zwaan
©Sophie van Doornmalen
Molen De Zwaan

7. Molen de Zwaan, Holland

De inwoners van Holland, Michigan – dat in 1840 door Nederlandse immigranten werd gesticht -  zochten in de jaren 60 naar een symbool om de Nederlandse identiteit van de stad te benadrukken. Dit symbool werd gevonden in de uit 1884 daterende molen De Zwaan, die tot dat moment nog de Brabantse plaats Vinkel sierde. In 700 precies genummerde stukken werd de molen verscheept naar Holland en herbouwd. Nu maakt het gebouw deel uit van de Windmill Island Gardens die jaarlijks door tientallen duizenden bezoekers worden bewonderd. In de lente komt de molen tot zijn recht in de tulpenvelden tijdens het Tulip Time Festival, waar de Nederlandse roots worden gevierd met klompendansen, authentieke klederdracht en Nederlandse lekkernijen als oliebollen.

De Zwaan is de enige authentiek Nederlandse nog werkende korenmolen in de VS. De molen produceert tot op de dag van vandaag bloem onder leiding van molenaar Alisa Crawford, die inmiddels een aantal titels op haar naam heeft staan. Zij is naast de eerste Nederlands gecertificeerde molenaar in Amerika ook het eerste vrouwelijk en niet Nederlandse lid van het Ambachtelijk Korenmolenaars Gilde.

Afreizen naar Michigan voor het bezichtigen van de molen is niet voor iedereen weggelegd. Geïnteresseerden kunnen tegenwoordig weer terecht in Vinkel. Onder leiding van Stichting De Vinkelse Molen is er een replica gebouwd van De Zwaan. De bouw van de replica duurde tien jaar en is in 2020 afgerond.

Meer informatie:

Windmill Island Gardens
De Zwaan - De Vinkelse Molen

Meer informatie

Meer informatie over het gedeelde culturele erfgoed van de Verenigde Staten en Nederland, van de 17e eeuw tot nu, is te vinden in de publicatie Shared Cultural Heritage of the United States and the Netherlands.