Verdrag van Faro

Het Europese Verdrag van Faro benadrukt de maatschappelijke en verbindende waarde van cultureel erfgoed en het belang van deelname door de samenleving. Het bevordert een breder begrip van erfgoed en zijn relatie tot de samenleving en gemeenschappen. Het verdrag moedigt ons aan te erkennen dat objecten en plaatsen op zichzelf niet belangrijk zijn voor cultureel erfgoed. Ze zijn belangrijk vanwege de betekenissen en gebruiken die mensen eraan hechten en de waarden die ze vertegenwoordigen; kortom het stelt de mens en de menselijke waarden centraal.

De inhoud van het Verdrag van Faro bestaat uit doelen, ambities en acties om met hulp van erfgoed met maatschappelijke veranderingen om te gaan of om deze eventueel op gang te brengen en te ondersteunen. Daarbij ligt de focus niet primair bij het behoud en de bescherming van cultureel erfgoed en objecten (daarvoor zijn andere internationale verdragen). Het verdrag behandelt die onderwerpen die raken aan de vraag wat we binnen de genoemde veranderingen en ontwikkelingen willen bewaren en doorgeven aan toekomstige generaties en waarom wij dat zouden willen: cultureel erfgoed gezien als een voortdurend sociaal cultureel (maatschappelijke) proces waarin erfgoed zowel middel als doel kan zijn.

Brede definitie van cultureel erfgoed

Het Verdrag van Faro biedt een nieuw breed perspectief (en acties) om naar cultureel erfgoed te kijken als hulpbron en houvast bij maatschappelijke ontwikkelingen en veranderingen. Doordat het verdrag de maatschappelijke waarde van erfgoed benadrukt ontstaat er een brede integrale en inclusieve definitie van cultureel erfgoed. Hierdoor is er ruimte voor een interactieve invulling van erfgoed (alledaags erfgoed, ruimte voor meerstemmigheid en herinterpretatie) en wordt er geen onderscheid meer aangebracht tussen erfgoedsectoren en categorieën zoals objecten, monumenten, verhalen, tradities, religieuze gebruiken, sociale praktijken etc. Alles maakt integraal onderdeel uit van hetzelfde maatschappelijk proces waardoor cultureel erfgoed als hulpbron optimaal gebruikt kan worden.

Democratisch beginsel

Iedereen moet toegang hebben tot erfgoed en heeft het recht (een eigen) betekenis te geven aan erfgoed. Cultureel erfgoed is een hulpbron voor sociaal- culturele processen en draagt zo bij aan sociaal duurzame ontwikkelingen in de samenleving:

1) cultureel erfgoed is een belangrijke bron voor het individu, voor de relaties tussen individuen, voor een hogere kwaliteit van leven, voor inclusiviteit en actief burgerschap.

2) cultureel erfgoed draagt bij aan sociaal duurzame ontwikkeling en levert meerwaarde aan andere beleidsdomeinen (cross-sectoraal).

3) cultureel erfgoed draagt bij aan vrede en democratie in Europa en bevordert de interculturele dialoog. De grondwaarden van de Raad van Europa en de grote verscheidenheid aan cultureel erfgoed in Europa dragen bij aan het fundament van een Europese samenleving: ‘het gemeenschappelijk erfgoed van Europa’. Dit Europese ideaal komt voort uit de wens om eerdere conflicten zoals in voormalig Joegoslavië – of verder terug de Tweede Wereldoorlog - te voorkomen. Kennis over - en bewustzijn van de vele verschillende facetten van cultureel erfgoed en de betekenissen (wie ben je, waar kom je vandaan etc.) en de dialoog daarover kunnen bijdragen aan conflictbeheersing en tolerantie.

Recht op erfgoed

In het verdrag wordt het recht van eenieder benadrukt om erfgoed te interpreteren en de plicht de betekenis (vrijheid en rechten) van erfgoed voor de ander te respecteren. Dit wordt gekoppeld aan het recht van elk individu om deel te nemen aan het cultureel leven (VN mensenrechten). In het Verdrag van Faro wordt dit verder uitgewerkt als het recht van iedereen om de mogelijkheid te hebben tot toegang tot cultureel erfgoed. Hier wordt overigens niet mee bedoeld dat dit recht ook tot juridisch of cultureel eigendom van cultureel erfgoed kan leiden. Het verdrag benadrukt juist dat iedereen mag deelnemen en iedereen betekenis kan geven aan erfgoed. Individueel, inclusief en benaderd vanuit vele verschillende perspectieven.

Participatie en erfgoedgemeenschap

Het verdrag plaatst mensen centraal in plaats van het erfgoed, of de uitvoering van erfgoedbeleid en de erfgoedpraktijk. Het is immers het individu dat bepaalt/beïnvloedt wat cultureel erfgoed is en wat erfgoed kan betekenen voor erfgoedgemeenschappen, maatschappelijke ontwikkelingen en dergelijke. Het verdrag benadrukt het belang van een hechte samenwerking tussen de erfgoedsector en andere sectoren. Het verdrag benadrukt ook dat (aanwijzen van) cultureel erfgoed niet louter een zaak van experts kan zijn en dat erfgoedgemeenschappen door middel van participatie en burgerinitiatief een grote rol moeten spelen in alle aspecten van het erfgoedbeleid.

‘Erfgoedgemeenschap’ heeft een brede definitie in het Verdrag om ruimte te bieden aan veel verschillende soorten groepen met interesse in erfgoed, zonder referentie naar etniciteit of andere rigide indelingen. Het doel van het uitgaan van gemeenschappen van burgers is om meer interactie en samenwerking te krijgen tussen burgers, vrijwilligersorganisaties, de (formele) erfgoedsector en andere instituties en private partijen.

Het Verdrag benadrukt het belang van een actieve participatie in het brede cultuurbeleid om een brede en diverse benadering van cultureel erfgoed te waarborgen. Zo ontstaat cultureel erfgoed dat de actualiteit weerspiegelt, gebaseerd is op de waarde die de burger eraan toekent, op het ‘hier en nu’ en op erfgoed dat een duurzame toekomst tegemoet gaat.

Hulpbron bij ruimtelijke, economische, culturele en sociale ontwikkeling

Het Verdrag van Faro ziet cultureel erfgoed als een hulpbron voor duurzame economische ontwikkeling (bv. van een regio en zijn inwoners) en onderschrijft de inzet van de economische waarde van erfgoed. Door het verzilveren van de economische waarde worden ook de andere waarden van cultureel erfgoed vergroot. Het Verdrag stelt daarbij dat het economisch gebruik  het cultureel erfgoed niet mag aantasten. Cultureel erfgoed is daarnaast ook een hulpbron voor integraal ruimtelijke ontwikkelingsstrategieën, planvorming en uitvoering met behoud van identiteit en ambachtelijkheid. 

Collectief digitaal geheugen

Het verdrag benadrukt het belang van een kwalitatief goede digitale informatievoorziening over erfgoed om erfgoed zo toegankelijk mogelijk te maken (democratisch perspectief). Het hogere doel van deze digitalisering is de opbouw van een collectief geheugen door het toegankelijk maken van zoveel mogelijk kennis.