Woonhuissubsidie, instandhoudingssubsidie of lening

Sommige eigenaren van rijksmonumenten met een woonfunctie komen zowel in aanmerking voor de woonhuissubsidie als voor de Subsidieregeling instandhouding monumenten (Sim). Voor alle monumenteigenaren (uitgezonderd overheden) bestaat de mogelijkheid om een laagrentende lening af te sluiten.

Eigenaren van rijksmonumentale bewoonde boerderijen, landhuizen en molens komen in aanmerking voor beide subsidies.

De woonhuisregeling en de Sim bepalen beide de subsidiabele kosten op basis van de Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten. De instandhoudingssubsidie heeft een hoger subsidiepercentage (60%) dan de woonhuissubsidie (38%). Met de instandhoudingssubsidie kunt u alleen subsidie aanvragen voor onderhoudskosten terwijl in de woonhuisregeling ook restauratiekosten voor subsidie in aanmerking komen.

De eigenaar die in aanmerking komt voor beide subsidies, kan zelf kiezen van welke regeling hij gebruik wil maken. Dezelfde werkzaamheden kunnen niet vanuit twee regelingen worden gesubsidieerd.

Hieronder vindt u de belangrijkste kenmerken op een rij.

Subsidieregeling instandhouding monumenten (Sim)

  • bestemd voor eigenaren van andere rijksmonumenten (of zelfstandige onderdelen) dan Sim-woonhuizen
  • sober, doelmatig en technisch noodzakelijk regulier onderhoud
  • subsidie voor een zesjarig instandhoudingsplan, voorafgaand aan de werkzaamheden
  • aanvragen in het jaar voorafgaand aan het eerste jaar van het instandhoudingsplan
  • indieningsvereisten, zoals: instandhoudingsplan; inspectierapport; verzekeringspolis met herbouwwaarde; bij zelfstandige onderdelen: tekening waaruit zelfstandigheid blijkt
  • bij overvraag gelden er voorrangscriteria (belangrijkste: laagste totale begrote kosten eerst) en worden aanvragen afgewezen zodra het subsidieplafond wordt bereikt
  • subsidiabele kosten worden bepaald volgens de Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten
  • voor instandhoudingsplannen die ingaan vanaf 2020 – aanvraag in 2019 of latere jaren – bedraagt het subsidiepercentage 60% van de subsidiabele onderhoudskosten
  • minimumbedrag (€ 6.000,-) en maximumbedrag (3% van herbouwwaarde) aan subsidiabele kosten

Woonhuisregeling

  • bestemd voor particuliere eigenaren van rijksmonumenten met een woonfunctie
  • sober, doelmatig en technisch noodzakelijk onderhoud én restauratie
  • subsidie per jaar, na afloop van de werkzaamheden
  • aanvraag in het jaar na het kalenderjaar waarin de werkzaamheden zijn uitgevoerd
  • indieningsvereisten: gespecificeerde facturen; bij totale kosten van meer dan € 70.000 een inspectierapport opgesteld voorafgaand aan uitvoering van de werkzaamheden
  • subsidieplafond voor vier jaar, dat naar verwachting toereikend is om alle aanvragen te honoreren
  • subsidiabele kosten worden bepaald volgens Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten 
  • het subsidiepercentage voor de aanvraagjaren 2020 en 2021 bedraagt 38% van de subsidiabele instandhoudingskosten
  • geen minimum- of maximumbedrag aan subsidiabele kosten
  • de eigenaar moet voor controle onder meer foto’s beschikbaar hebben van voor en na de werkzaamheden waaruit de noodzaak van de werkzaamheden en de verrichting van de werkzaamheden blijkt

Laagrentende lening

Het Nationaal Restauratiefonds verstrekt laagrentende leningen voor instandhouding van een monument (restauratie en onderhoud). Eigenaren van rijksmonumenten kunnen een plan indienen en op basis daarvan een laagrentende lening van 100% van de instandhoudingskosten krijgen.

Als u voor subsidie in aanmerking wilt komen, dan kunt u voor dezelfde werkzaamheden geen laagrentende lening bij het Nationaal Restauratiefonds krijgen. Als eigenaar maakt u een keuze tussen laagrentend lenen (vooraf) of subsidie (achteraf).