Welke kosten zijn subsidiabel?

Alleen de kosten voor de werkzaamheden voor regulier onderhoud, zoals schilderwerk of plaatselijk herstel van houtwerk komen in aanmerking voor de instandhoudingssubsidie.

Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten

De werkzaamheden moeten deel uit maken van een 6-jarig instandhoudingsplan en bijdragen aan maximaal behoud van de monumentale waarden van het betreffende rijksmonument.

In de Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten staat exact omschreven welke werkzaamheden in aanmerking komen voor subsidie.

Drempelbedrag subsidiabele kosten

Om in aanmerking te komen voor subsidie moeten uw subsidiabele instandhoudingskosten over de periode van 6 jaar boven een norm vallen. Voor gebouwde en groene monumenten is dit € 6.000, voor beschermde archeologische monumenten € 3.000. Molens hebben meer onderhoud nodig. Hiervoor geldt een maximum van € 60.000 op de subsidiabele kosten over 6 jaar. U ontvangt een subsidie van maximaal € 36.000.

Herbouwwaarde

De toekenning van de subsidie is gekoppeld aan de herbouwwaarde van een gebouwd monument. Dit zijn de kosten die worden gemaakt om een gebouw weer in zijn oorspronkelijke staat op te bouwen.
Lees ook het Informatieblad Herbouwwaarde.

Maximale subsidiabele kosten

De maximale subsidiabele kosten bedragen bij gebouwde monumenten over de gehele periode van 6 jaar maximaal 3% van de herbouwwaarde van uw monument. Uit onderzoek is gebleken dat 0,5% op jaarbasis voldoende is om noodzakelijk onderhoud uit te voeren.


Voor archeologische en groene monumenten is geen herbouwwaarde te bepalen. Het onderhoud van archeologische monumenten kost relatief weinig. Er is daarom geen maximum aan de subsidiabele kosten verbonden. Voor groene monumenten gelden specifieke normbedragen voor de maximale subsidie. Deze vindt u in de Leidraad subsidiabele instandhoudingkosten en in de Lijst met normbedragen groene rijksmonumenten.