Net voor de jaarwisseling, op 30 december 2025, heeft de Cornelis Kruseman-Jozina Maria Cornelia Ising Stichting, kortweg de Cornelis Kruseman Stichting, haar kunstcollectie geschonken aan de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). Deze collectie bestaat uit twintig schilderijen en één tekening, die vervaardigd zijn door Cornelis Kruseman en drie van zijn schilderende familieleden. De collectie is de afgelopen 30 jaar opgebouwd uit schenkingen aan de stichting en uit aankopen op de kunstmarkt.
Kruseman in de schijnwerpers
De Cornelis Kruseman Stichting is in 1996 opgericht door mevrouw Jozina Cornelia Maria Ising (1899-1996), afstammeling van kolonel Constant Ising, schoonzoon van Johannes Diederik Kruseman, de broer van de schilder Cornelis Kruseman (1797-1857). De aanleiding voor de schenking is in de eerste plaats de vaststelling door het stichtingsbestuur dat de stichting haar oorspronkelijke doelstellingen heeft behaald. Met name het geven van grotere bekendheid aan het werk van Cornelis Kruseman en het stimuleren van wetenschappelijk onderzoek naar diens werk. Zo heeft de stichting een belangrijke bijdrage geleverd aan de financiering in 2024 van de RKD Study Cornelis Kruseman (1797-1857): Aardse roem en hemelse ambitie, samengesteld door RKD-conservator Eva Geudeker. In deze studie wordt het gehele oeuvre van Cornelis Kruseman uitvoerig beschreven en onderzocht. Een tweede, meer praktische reden is dat de stichting onlangs is verhuisd van het ruime pand aan de Lange Vijverberg in Den Haag naar een kleiner pand aan het Lange Voorhout dat minder geschikt is om de collectie te herbergen.
[Tekst gaat verder onder de foto]
C. Kruseman, Oude man met pijp in een open raam, 1817.
De schenking sluit aan bij een eerdere schenking uit privé-bezit van mevrouw J.C.M. Ising uit 1971 aan de RCE. Die collectie bestaat uit vijf portretten waarvan er twee van de hand zijn van Cornelis Kruseman. Het derde portret is vervaardigd door de Duitse schilder Ludwig Brüls (1803-1882) en stelt Kruseman zelf voor. Het vierde portret is dat van de schenkster mevrouw Ising. Het vijfde kunstwerk is een silhouetportretje van de schoonvader van Johannes Diederik Kruseman.
Portretten
Van de twintig olieverfschilderijen en de tekening die onlangs zijn geschonken zijn er vijf portretten. Het getekende portret stelt een onbekende elegante dame voor. De vier geschilderde portretten zijn ook door Kruseman gemaakt. Van drie daarvan zijn de afgebeelde personen bekend. Zoals bijvoorbeeld het levensgrote familieportret Cornelia Nicola, geboren Cheriex (1814-1908), en haar dochters Wijnanda Nicola (1837-1921) en Catharina Nicola (1839-1863).

C. Kruseman, Portret van Cornelia Nicola, geboren Cheriex, en haar dochters Wijnanda en Catharina, 1840. 
C. Kruseman. Portret van een elegante dame (tekening).
Landschappen en religieuze scènes
Van de overige vijftien werken zijn er elf van de hand van Cornelis Kruseman. Eén daarvan is een winterlandschap, een ander een gezicht op de watervallen van Tivoli in Italië. Uitzonderlijk is het gezicht op de Ruïne van de Basilica van Maxentius in Rome uit 1823, dat hij heeft geschilderd samen met Frans Vervloet en Jean Baptiste Louis Maes. Dan zijn er nog enkele religieuze onderwerpen, zoals een Johannes de Doper (1820), een Madonna met Kind (1855), een zegenende Christus (1832) en de voorstudie in olieverf voor het schilderij de Graflegging (1830), dat zich in de collectie van het Rijksmuseum bevindt. Van dit laatstgenoemde schilderij is er nog een kopie uit 1836 door J.R. Post Brants, een leerling van Cornelis Kruseman.

C. Kruseman, Johannes de Doper in de woestijn, 1820. 
J.A. Kruseman, Jacoba van Beieren in overpeinzing, 1847.
Inspiratie voor genrestukken
De overige schilderijen van Kruseman zijn genrestukken, waarvan enkele vroege werken duidelijk zijn geïnspireerd op het werk van 17de-eeuwse Hollandse meesters. Een andere groep genrestukken zijn scenes uit het Italiaanse volksleven. Dit thema voegde hij omstreeks 1823 tijdens zijn eerste verblijf in Italië toe aan zijn oeuvre en zou hij ook na zijn thuiskomst in 1825 in Nederland meerdere keren blijven toepassen.
[Tekst gaat verder onder de foto]
C. Kruseman, Italiaanse voorstelling met moeder en kind, herder en visser, 1840.
Neven Kruseman
Vier van de geschonken schilderijen zijn van andere schilderende leden van de familie Kruseman. Het belangrijkste werk is dat van Jan Adam Kruseman, een neef van Cornelis. Dat stelt een geromantiseerd fantasieportret voor van Jacoba van Beieren (1401-1436), gravin van Holland, Zeeland en Henegouwen. Twee van de andere drie schilderijen zijn stadsgezichten met poorten in Amsterdam en Antwerpen door Jan Diederikus Kruseman (1828-1918). Het vierde stuk is een gezicht op het Belgische stadje Anseremme aan de Maas door Jan Theodoor Kruseman (1835-1895).
De schenking is een zeer belangrijke en waardevolle aanvulling op de huidige Kruseman-collectie van de RCE. Met name de werken van Cornelis Kruseman, toch zeker een van de belangrijkste Nederlandse schilders van de eerste helft van de negentiende eeuw, zijn van grote culturele waarde.
Deze blog is geschreven door Eric Domela Nieuwenhuis, conservator Oude Kunst bij de RCE en is onderdeel van de serie Kunstwerk van de Maand.