In de tentoonstelling Vrouwenpalet viel het werk van Edith van Leckwyck op. Dit was te zien in Drachten en Deurne in 2022 en in de Kunsthal in Rotterdam in 2023. Edith was een veelzijdige kunstenaar, ooit zeer succesvol, maar raakte in de vergetelheid. Met een solotentoonstelling in het Museum Dr8888 komt zij weer in de spotlights te staan. Eén van de tentoongestelde werken is dit kleurrijke maanlandschap uit de Rijkscollectie RCE.
Beeld: © RCE
Edith van Leckwyck, De manen, 1972, pastelkrijt op karton, 69.1 x 50 cm, AB8046
Een dromerig werk
In een uitgestrekt, terracottakleurig landschap liggen grillige, puntige bergen tegen elkaar aan geschurkt. Ze zijn weergegeven in contrasterende koele tinten, met sprankjes lichtgeel, mintgroen en zachtblauw. Nog opvallender zijn de hemellichamen daarachter: de cirkels van glimmend zilver- en goudfolie, felgekleurde en bekraste stukken papier en zelfs een maan uitgesneden uit houtfineer vullen de roze lucht. Een dromerig werk, dat je eigenlijk in het echt zou moeten zien om het in alle veelzijdigheid te kunnen bewonderen.
Dat gebeurde toen gastconservator Karlijn de Jong het CollectieCentrum Nederland (CC NL) bezocht, waar de Rijkscollectie RCE bewaard wordt. Bij het openmaken van de prentendoos was deze fonkelende en kleurige collage met pastelkrijt van Edith van Leckwyck een totale verrassing.
Edith van Leckwyck
Edith van Leckwyck (1899-1987) werd geboren in een gegoede familie. Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914 vluchtte haar familie van Antwerpen naar Den Haag. Daar schreef Edith zich in voor de Belgische School voor Huishoudelijke Kunst, opgericht door de eveneens uit Antwerpen geëmigreerde kunstenaar Jules Schmalzigaug (1882-1917). Hij zag talent in Van Leckwyck en nam haar als privé-leerling aan. Na een kortstondig en onfortuinlijk huwelijk met een Perzische prins die ze op de ambassade in Den Haag had leren kennen, verhuisde Van Leckwyck terug naar Antwerpen en trad ze in de leer bij de Vlaamse expressionist Floris Jespers (1889-1965). In 1927 exposeerde ze voor het eerst in Antwerpen. Dat bleek een succes: haar droomlandschappen en expressieve dorpsgezichten werden enthousiast ontvangen en al gauw volgden meer tentoonstellingen in Nederland, Duitsland en België. Met name haar gevoel voor kleur werd geroemd.
Begin jaren dertig kreeg ze een relatie met Heinrich Campendonk (1889-1957), hoogleraar aan de Academie van Düsseldorf en als kunstenaar lid van de expressionistische groep Der Blaue Reiter. Samen reisden ze door Bretagne en Noorwegen om inspiratie op te doen, het penseel en potlood in de aanslag. In 1935 trouwden ze en vestigden ze zich in Amsterdam, waar Van Campendonk hoogleraar werd aan de Amsterdamse Rijksacademie voor Beeldende Kunsten. Het huwelijk betekende een voorlopig einde van de carrière van Edith. Hun leven draaide om het werk en de functie van Van Campendonk en zijzelf kwam niet meer tot schilderen.
Pas na zijn dood in 1957 ontstond er weer ruimte voor haar eigen werk. In 1962 pakte ze haar penseel weer op. Met hernieuwde vreugde schilderde ze kleurrijke, poëtische landschappen, zoals de collage De manen, dat opvalt door het sterke kleurgebruik. Ook maakte ze surrealistische voorstellingen met moderne elementen zoals helikopters en auto’s. In 1987 overleed ze op 88-jarige leeftijd in Amsterdam.
Uit het zicht
Kort voor haar dood, in 1985, kocht de Rijksdienst Beeldende Kunst (één van de voorgangers van de huidige Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed) een schilderij van Edith van Leckwyck aan maar verder kwamen haar werken voornamelijk in particuliere collecties terecht en waren ze dus niet voor het grote publiek te zien. Na haar overlijden in 1987 kreeg de Rijksdienst de kans om via een legaat een keuze te maken uit haar nagelaten werk. Acht schilderijen en de pasteltekening De manen werden als representatieve dwarsdoorsnede voor Van Leckwycks gehele oeuvre toegevoegd aan de Rijkscollectie.
Hernieuwde kennismaking
De manen werd weinig uitgeleend aan musea, niet alleen vanwege de poederige textuur van het pastelkrijt dat het een kwetsbaar werk maakt maar ook omdat Edith van Leckwyck zo uit het zicht was geraakt. Samen met acht andere werken uit de Rijkscollectie RCE is de pastel binnenkort te zien op de tentoonstelling Dit is Edith van Leckwyck in het Museum Dr8888. Het publiek kan daar (opnieuw) kennismaken met deze vrouwelijke kunstenaar, haar roerige levensloop en haar persoonlijke, dromerige en kleurrijke werk.
De tentoonstelling Dit is Edith van Leckwyck is te zien van 11 oktober 2025 tot en met 15 februari 2026 in Museum Dr8888 in Drachten. De bijbehorende overzichtspublicatie Dit is Edith van Leckwyck, geschreven door Karlijn de Jong, verschijnt in oktober 2025 bij Waanders Uitgevers.
Deze blog Kunstwerk van de Maand is geschreven door Froukje van der Meulen, bruikleenconservator bij de RCE en is onderdeel van de serie Kunstwerk van de Maand.