WijPetrus - Een kerk van, door en voor de Vughtenaren

In 2018 opende in Vught cultureel ontmoetingscentrum DePetrus, in de voormalige Petruskerk. Vughtse ondernemers en inwoners zorgden voor behoud van dit erfgoed, en vertellen in het project WijPetrus hoe het gebouw hen verbindt. "De bewoners van Vught zien DePetrus als iets dat van hen is, als een inwoner van ons dorp"

Wat is DePetrus?

DePetrus is de voormalige rooms-katholieke St. Petruskerk in Vught. Sinds 2005 is de kerk niet meer in gebruik voor erediensten omdat er toen stukken uit het plafond vielen. Jarenlang blijft onzeker of de kerk behouden kan blijven. Een ambitieus herbestemmingsplan sneuvelt en de parochie staat op het punt de kerk te laten slopen, als zeven lokale ondernemers het plan adopteren, een sobere variant bedenken en zelf besluiten te investeren. Steun komt uit alle geledingen van de bevolking. Er wordt om niet een website gemaakt, de administratie wordt opgezet, ontwerpschetsen worden gemaakt. Honderden inwoners doneren enkele tientjes voor de restauratie en krijgen de eretitel Petrusganger. Wie een heel glas-in-lood-raam bekostigt krijgt de titel Petrusvaarder. Tijdens de restauratie worden zoveel mogelijk Vughtse bedrijven ingeschakeld. Het is Vught voor Vught en door Vught.

Uitgangspunt van het ontwerp is dat de kerkvloer van de kerk een ontmoetingsplein wordt, waar inwoners elkaar tegenkomen op weg naar het terras in de Petrustuin, de bibliotheek of de winkelstraat. In 2015 opent DePetrus zijn deuren als cultureel ontmoetingscentrum waarin de bibliotheek, stichting Anders Bezig Zijn, het Vughts Museum, de Wereldwinkel en Welzijn Vught een plaats hebben gevonden. Daarnaast zijn er kantoren en workshopruimtes.

Het ontmoetingscentrum is een groot succes: in 2019 trok het ruim 200.000 bezoekers. "De bewoners van Vught zien DePetrus als iets dat van hen is, als een inwoner van ons dorp", vertelt Marloes Engelhart, die er werkt als marketing- en communicatiespecialist. "DePetrus laat goed zien waarom het zo belangrijk is om cultureel erfgoed in leven te houden: het kan een gemeenschap verbinden."

"De bewoners van Vught zien DePetrus als iets dat van hen is, als een inwoner van het dorp. DePetrus laat zien waarom het belangrijk is om cultureel erfgoed in leven te houden: het kan een gemeenschap verbinden."

Wat is het project WijPetrus precies?

WijPetrus laat de verbindende waarde van het bijzondere erfgoed zien. In foto’s en verhalen delen gebruikers, bezoekers en vrijwilligers van DePetrus wat het gebouw voor hen betekent. Zo ontstaat een gedeelde filosofie. De portretten worden zowel offline als online gedeeld. Als alle verhalen zijn verzameld en de portretten zijn gemaakt komt er een foto-expositie met een bijbehorend fotoboek.

Als we Engelhart spreken, heeft ze net een paar interviews gedaan. "Iedereen die hier actief is heeft een sterke band met DePetrus. Ze zijn in de kerk gedoopt en getrouwd. Het is een stukje van henzelf."

Waarom past WijPetrus bij het Verdrag van Faro?

Het uitgangspunt van het verdrag is dat erfgoed kan verbinden. DePetrus laat dat zien: het gebouw verbindt de Vughtse gemeenschap. De gemeenschap heeft er zelf voor gezorgd dat het gebouw behouden bleef en nu, na de renovatie, laat het hoge aantal bezoekers en vrijwilligers zien dat het gebouw nog steeds van waarde is.

Het project WijPetrus laat die verbindende waarde expliciet zien, op een manier die bij Faro past. Niet een externe professional vertelt wat die waarde is, maar vrijwilligers, medewerkers en bezoekers zelf leggen uit waarom DePetrus voor hen en de gemeenschap van belang is. Deze verhalen zorgen ook voor verbinding.

De RCE en het Faro-programma

De RCE volgt projecten en initiatieven als WijPetrus met veel interesse. Niet alleen omdat dergelijke initiatieven andere projecten kunnen inspireren, maar ook omdat ze een belangrijke bron zijn voor de uitvoering van het Faro-programma.

Met dit programma onderzoekt de RCE de voorwaarden en gevolgen van ratificatie van het Verdrag van Faro. Dit verdrag stelt niet het erfgoed maar de mens centraal en draagt als titel: De Verbindende waarde van erfgoed’. Participatie staat hierbij centraal. Daarom is het doel van de Rijksdienst dat over tien jaar initiatieven uit de samenleving en participatie een vanzelfsprekend onderdeel van de erfgoedpraktijk zijn.