Helmond in 100 stukskes - vuilnis met verhalen uit de eerste hand

Een oude vuilnisbelt in Helmond bleek een heuse schatkamer. De stadsarcheoloog en vrijwilligers vonden er onder meer luizenkammen, fietsbelastingplaatjes, emaillen pollepels, maar ook botten van kippen en konijnen. Voor het project Helmond in 100 stukskes delen ouderen hun verhalen achter deze objecten uit de vooroorlogse crisisjaren, de bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog en de wederopbouw.

Hoe kwam dit project tot stand?

In 2016 saneerde de gemeente Helmond een vuilnisbelt die tussen 1930 en 1957 in gebruik was. Stadsarcheoloog Theo de Jong werd daarop gewezen door een in erfgoed geïnteresseerde buurtbewoner die de bodemvondsten op de storthopen zag liggen. Na overleg mocht de archeoloog met enkele vrijwilligers in de pauzes van de saneerders rondstruinen op de vuilnisbelt. Daar verzamelden ze meer dan 1500 objecten. De Jong: "Normaliter zou ik al die vondsten zelf beschrijven in een rapportage, maar nu dacht ik: er zijn zoveel mensen die herinneringen hebben aan deze objecten, waarom laten we hen dat verhaal niet vertellen?"

Waarom is dat zo belangrijk?

"Aan alleen een object heb je niet zoveel", legt De Jong uit. "Archeologie is pas echt bijzonder als we het verhaal erbij kunnen vertellen." Dat dat nu kan op basis van de verhalen van mensen die nog in leven zijn is bijzonder. Archeologen werken immers meestal met vondsten van honderden jaren oud en moeten veel onderzoek doen om de herkomst, datering en betekenis van de objecten te achterhalen. Vaak komen ze (zonder aannames) niet tot een persoonlijk verhaal achter de objecten.  

Wat was de verdere aanpak?

De Jong zocht contact met het Helmondse Kunstkwartier, waar onder meer schrijftrainingen worden gegeven. Daar vond hij ‘beeldvangers’, fotografen, en ’verhalenvangers’, vrijwilligers, maar ook professionals, die na een training de verhalen achter de ‘stukskes’ zouden opschrijven. Vervolgens gingen deze fotografen en verhalenvangers met de vondsten langs bij ouderen in zorgcentra. Die hadden volop verhalen bij deze objecten.

De Jong: "Mensen zagen objecten die ze eigenlijk alweer vergeten waren. Levertraanflessen, emaillen pollepels, luizenkammen. Iemand vertelde dat Duitsers bij haar oma in de oorlog een pan soep meenamen met daarin zo’n emaillen pollepel. Die had ze voor haar huwelijk gekregen, dus daar was ze aan gehecht. Ze is toen met gevaar voor eigen leven naar dat kamp gegaan om die pollepel terug te halen." 

Hoe ziet het project er nu uit?

Het tastbare resultaat van het project is een verhalenbundel die in oktober 2020 wordt gepresenteerd. Ook is er een tentoonstelling die langs scholen, wijkgebouwen en zorginstellingen reist en wordt er bij het Kunstkwartier gewerkt aan een theatervoorstelling rondom de verhalen. Daarnaast is er een verhalenkoffer gemaakt met de stukskes die door verschillende mensen gebruikt wordt. Vrijwilligers van koffie-uurtjes en activiteitenbegeleiders gaan er mee langs ouderen. En een ouder lid van de tafeltennisclub gebruikte de koffer om een ledenavond een andere draai te geven. "Het project verspreidt zich zo organisch door de stad", zegt stadsarcheoloog De Jong.

Waarom past Helmond in 100 stukskes bij het Verdrag van Faro?

Dit project doet een nadrukkelijk beroep op de kennis van mensen uit de samenleving. Die vertellen over de objecten, het erfgoed, en welke herinnering of betekenis ze voor hen hebben. Daarnaast zorgt het erfgoed voor verbinding, een ander belangrijk uitgangspunt van het verdrag. Schrijvers en fotografen van alle leeftijden komen in contact met ouderen die vertellen over de vondsten. Sommige schrijvers konden uit eigen herinneringen iets over de vondsten schrijven.

De schrijvers, fotografen en ouderen zorgen er samen voor dat de herinneringen (met de vondst uit de stortplaats als inspiratie) bewaard blijven en met andere Helmonders gedeeld kunnen worden. Erfgoed dat iets vertelt over de vooroorlogse crisisjaren, de oorlogstijd en de wederopbouwperiode in Helmond. Zo draagt het project ook bij aan het verbreden van de kennis over de lokale geschiedenis. Het Helmonds Kunstkwartier blijft zich inzetten voor die verbinding en het delen van deze verhalen, ook in het basisonderwijs.

Een mooie bijkomstigheid is ook dat degenen die bij het project betrokken zijn meer begrip krijgen voor archeologisch onderzoek en waarom dat om meer gaat dan alleen de vondst zelf. De betrokkenheid van Helmonders is groot. Het project won dankzij  voorkeursstemmen in 2019 de nationale Grote Archeologie Prijs.

De RCE en het Faro-programma

De RCE volgt projecten en initiatieven als Helmond in 100 stukskes met veel interesse. Niet alleen omdat dergelijke initiatieven andere projecten kunnen inspireren, maar ook omdat ze een belangrijke bron zijn voor de uitvoering van het Faro-programma.

Met dit programma onderzoekt de RCE de voorwaarden en gevolgen van ratificatie van het Verdrag van Faro. Dit verdrag stelt niet het erfgoed maar de mens centraal en draagt als titel: De Verbindende waarde van erfgoed’. Participatie staat hierbij centraal. Daarom is het doel van de Rijksdienst dat over tien jaar initiatieven uit de samenleving en participatie een vanzelfsprekend onderdeel van de erfgoedpraktijk zijn.