Benader beperkingen als uitdagingen

Alexander van de Bunt, adviseur archeologie bij Landschap Erfgoed Utrecht

Portret van Alexander van de Bunt, Landschap Erfgoed Utrecht
©Daniella van Linden
Alexander van de Bunt, Landschap Erfgoed Utrecht

Alexander werkt bij Landschap Erfgoed Utrecht, waar hij met ruim 25 collega’s en veel vrijwilligers werkt aan hun missie: het landschap en het erfgoed in de provincie Utrecht beschermen, beheren en verrijken. Daarmee bedoelen ze concreet: wij zijn waar je woont en waar je werkt. Waar je kinderen leren, je een lunchwandeling maakt in het park, een avondje uitgaat en weer thuiskomt.

“Het is fijn om als archeoloog in een breder kader te werken met diverse collega’s. Dat komt de kwaliteit van het werk en de uitstraling van het vakgebied ten goede, en dat is iets wat mij na aan het hart ligt.” De vele taken van Alexander zijn dan ook mede mogelijk dankzij zijn collega’s. Zo is hij projectleider van het Netwerk Romeinse Limes Utrecht, het Meldpunt Archeologie van de provincie Utrecht, en draagt hij als specialist bij aan de pilot van de ‘Archeobrigade’ (waarbij archeologische monumenten zoveel mogelijk in hun originele staat worden hersteld). Bovendien neemt hij deel aan het Portable Antiquities of the Netherlands (PAN) en is hij schrijver voor de verhalenwebsite Utrecht Altijd.

Archeologie is van en voor iedereen

Velen kennen hem ook nog uit de tijd dat hij vrijwilligerscoördinator en projectleider was van de Archeohotspot Utrecht, nu ondergebracht in het Castellum Hoge Woerd. Hij is er nog altijd aan verbonden als adviseur op het gebied van citizen science. “Ik geloof rotsvast in het delen van kennis met iedereen die er interesse in heeft. Archeologie is van en voor iedereen.” Deze drijfveer bracht hem er ook toe een boek te schrijven over de Bataafse opstand met de titel Wee de overwonnenen. Een archeologisch kloppend overzicht, maar wel met een publiekstwist. Vanuit datzelfde oogpunt is hij bezig met fotografie en archeologie. Zo reist hij regelmatig door Nederland, Duitsland en België om beeldmateriaal te schieten voor de productie van artist impressions, met fototechnieken  die in één lijn staan met de beeldtechnieken die gebruikt worden in tv-series als the Mandalorian en Game of Thrones.

[De tekst gaat verder onder de foto]

Kinderen aan de slag in Archeohotspot Utrecht
©Marieke Verhoeven
Kinderen aan de slag in Archeohotspot Utrecht

Toen in maart de lockdown werd ingesteld, was het van de ene dag op de andere niet meer mogelijk om op kantoor te werken. “Een onwerkelijke situatie. Binnen een week hadden we gelukkig intern draaiboeken gemaakt en was er veel digitaal mogelijk. Het was enorm jammer dat veel evenementen niet meer doorgingen, waaronder de lezingen over mijn boek, dat net in februari was uitgekomen. Maar gelukkig zijn archeologen er goed in om van beperkingen uitdagingen te maken. Een cursusdag om meer dan 100 vrijwilligers te leren met het vondstmeldingssysteem van PAN om te gaan, werd een intieme bijeenkomst van 30 mensen met veel onderlinge afstand. Geplande bijeenkomsten zullen anders moeten dan voorheen. Alternatieven zoeken is ook iets wat van ons wordt verwacht. Niks doen is geen optie. De kwantiteit kun je nu even niet bieden, de kwaliteit wel. Het heeft ook zijn goede kanten; door het wegvallen van reistijd en vergaderingen is bij menigeen de uitvoerende tijd toegenomen en is er meer rust en ruimte voor het schrijven van projectplannen en artikelen. Ik verwacht in de toekomst zeker een deel van de tijd zo te blijven invullen.”

Toen in de zomer de regels iets soepeler werden, konden maximaal acht collega’s op kantoor zijn. “Het weerzien in het echt was buitengewoon prettig. Gesprekken gingen ook meer de diepte in na zo’n lange tijd. De digitale vergadercultuur is maar voor een deel handig. Het is efficiënter en een verbetering op de oude vergadercultuur, maar ook vermoeiend als je er veel hebt. We probeerden toen ook voorzichtig nieuwe evenementen te plannen, zoals onze eigen ArcheoDag. Maar die zijn in september toch weer afgezegd door de stijgende besmettingscijfers. Hiervoor komt zeker nog een alternatief. We denken in de lange termijn maar het leven speelt zich vooralsnog af op de korte termijn. Dat maakt plannen lastig. De wil om zo snel mogelijk weer draden op te pakken heeft ongetwijfeld ook te maken met de aard van archeologen, die met hun ziel en zaligheid voor 200% in het werk duiken. Aandacht voor psychologisch welzijn is zeker geen overbodige luxe in deze tijden. Het aantal schakelingen dat je moet maken in de actualiteit, en het feit dat mensen dingen niet mogen -inzet van vrijwilligers- of anders moeten doen; dat hakt er hard in. Je moet ook goed op jezelf passen.”

We moeten echt de particulieren en vrijwilligers blijven bedienen en waarderen. Ze helpen ons ook het verhaal verder te vertellen.

In de museale wereld, zoals bij de ArcheoHotspot, is de inzet van vrijwilligers noodgedwongen teruggeschroefd. “Enorm jammer, maar begrijpelijk. Het is voor mij een reden mijn best te doen om juist dan kwaliteit te blijven bieden. We moeten echt de particulieren en vrijwilligers blijven bedienen en waarderen. Ze helpen ons ook het verhaal verder te vertellen."

[Tekst gaat verder onder de afbeelding]

Artist impression van een Romeins fort
©Bunt fotografie
Artist impression van een Romeins fort

En nee, ik ben niet bang dat de aandacht voor archeologie zal wegzakken. Daar heeft ook de coronaperiode niets aan veranderd. De belevingswaarde is misschien iets verschoven van bezoeken en ‘doen’ naar lezen en beleven op kleinere schaal en digitaal. Daarom is het bieden van hoogwaardige online content ontzettend belangrijk. Bovendien is er naast archeologie bijna geen ander vak in de wereld, wat dagelijks in het nieuws komt en zoveel mensen weet te prikkelen en te inspireren.

Alexander kijkt tevreden terug op de slagkracht van zijn organisatie om digitaal werken versneld aan te pakken. “Net als iedereen waren we eerst overvallen door de situatie, maar daarna ging het snel en lagen draaiboeken voor aanpassingen vliegensvlug klaar. Archeologie leent zich mijns inziens enorm voor digitaal ‘vertellen’ en delen. Als je er maar op let dat wat je doet er kwalitatief goed uitziet en je inhoudelijk ook oog hebt op maatschappelijke onderwerpen, zoals diversiteit en inclusie (migraties, identiteit, etniciteit, gender etc.). Dan is het zelfs sexy qua uitstraling. Stoffig is het vakgebied al lang niet meer, en dat mag veel meer naar buiten. Dat heeft wellicht nu een extra zetje gekregen en daar kunnen we het vakgebied zeker mee profileren. Beperkingen in deze tijd kunnen we beter benaderen als uitdagingen. Mooie uitdagingen die het vakgebied zeker op de kaart houden.”

Tekst: Monique Deege, bureau Communique, Rijswijk

Lees de andere interviews