Naar de navigatie

Behoud en herstel cultuurlandschap vraagt om investeringen

Het kost 418 miljoen euro per jaar om de waardevolle cultuurlandschappen van Nederland te beheren en te herstellen. Dat blijkt uit het onderzoek dat KPMG in opdracht van het Interprovinciaal Overleg en de ministeries van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit heeft uitgevoerd. Op 14 juni namen minister Huizinga (VROM), secretaris-generaal Van der Zande (LNV) en gedeputeerde Meerhof (Noord-Holland) het onderzoeksrapport ‘Duurzame financiering van het landschap' in ontvangst.

Overheden, organisaties en particulieren leveren nu al forse bijdragen aan beheer en herstel van waardevol cultuurlandschap. Maar kennelijk toch onvoldoende om het verlies van kwaliteit te stoppen, constateert het Planbureau voor de Leefomgeving.

Behoud en beheer van waardevol cultuurlandschap is belangrijk: in het overheidsbeleid voor het landschap wordt 50 procent van Nederland ertoe gerekend, de grote steden en grote oppervlaktewateren niet meegerekend. De waarde van onze landschappen is groot: baten voor de recreatiesector, een aantrekkelijk woon- en leefmilieu voor burgers en een versterking van het investeringsklimaat. Naast private partijen, zijn Rijk, provincies en gemeenten samen verantwoordelijk voor de landschappen.

Het rapport gaat niet alleen in op de kosten voor behoud en beheer van groen en water - zoals hagen, houtwallen of slotenpatronen - in cultuurlandschappen die vanuit (inter)nationaal of provinciaal perspectief waardevol zijn, maar ook op de kosten voor instandhouding van de aanwezige historische bebouwing, archeologische of aardkundige waarden.