Nummer 1 / juni 2010
MoMo Nieuws
Nummer 1 / juni 2010
MoMo Nieuws praat u bij over de Modernisering Monumentenzorg. Deze nieuwsbrief verschijnt elk kwartaal. Kijk voor actueel nieuws regelmatig op www.cultureelerfgoed.nl.
Inhoud
27 september 2010:
Cultuurhistorische waarden en ruimtelijke ontwikkeling

Hoe waardeer je een willekeurig gebouw, een complex van gebouwen of landschappen? Hoe gebruik je die waarden in je ruimtelijke ontwikkeling? Kom naar de MoMo in de Praktijkdag en doe inspiratie op! We zijn ook op zoek naar ervaringen, dus meld je aan voor een 5-minuten presentatie over hoe jouw gemeente omgaat met cultuurhistorische waarden! De praktijkdag is bedoeld voor gemeenteambtenaren en medewerkers van cultuurhistorische bureaus.
> Lees meer en meld je aan

29 oktober 2010:
Op weg naar MoMo-proof

Hoe gaan restauratiebedrijven om met kwaliteit van uitvoering? Wat kan het provinciaal steunpunt voor je doen? Wat kunnen we leren van gemeentelijke samenwerking? Hoe speelt de uitvoeringsmarkt in op MoMo? Op die vragen krijgen bezoekers van de MoMo in de Praktijkdag antwoord. Bouwbedrijven presenteren hun aanpak in de inmiddels bekende ‘MoMo-Elevator Pitch’. De praktijkdag is bedoeld voor gemeenteambtenaren, particuliere organisaties en bouwbedrijven.
> Lees meer en meld je aan
Terug naar boven
beeld 2
Het wetsvoorstel modernisering van de monumentenzorg (nu ter advies bij de Raad van State) leidt tot vier wijzigingen in de Monumentenwet 1988 en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

Het betreft:
  1. de mogelijkheid voor belanghebbenden vervalt om een aanvraag in te dienen bij de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap om een monument als rijksmonument aan te wijzen
  2. in de definitie van monument vervalt het criterium dat het om een gebouw moet gaan dat tenminste vijftig jaar oud is
  3. er komt een grondslag voor subsidie ten behoeve van herbestemming
  4. de proceduretermijn voor vergunningverlening voor het wijzigingen van een monument voor relatief eenvoudige ingrepen wordt korter (van 26 naar 8 weken)
Terug naar boven
beeld 1
Wat zijn de effecten van MoMo? Om dat goed te meten, is de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed onlangs gestart met het project Effectmeting MoMo (onderdeel van de Erfgoedmonitor).

Doel van het project Effectmeting MoMo is een duurzame meetsystematiek, om de uitvoering van het nieuwe monumentenbeleid goed te kunnen volgen. Dit jaar stelt de dienst de graadmeters (indicatoren) vast voor de effectmeting. Daarbij ligt de focus op de pijlers cultuurhistorie in de ruimtelijke ordening, eenvoudiger regelgeving en herbestemming en de hoofddoelstellingen van MoMo. Denk bijvoorbeeld aan het percentage bestemmingsplannen dat ‘MoMo-proof’ is, of het aantal structuurvisies dat cultuurhistorie mee- en afweegt.
> Lees meer
Terug naar boven
beeld 3
Erfgoed in de praktijk organiseert komend najaar een uitgebreide cursus over cultuurhistorie en het bestemmingsplan. Hoofdvraag is: hoe veranker je gebouwd erfgoed en archeologische en cultuurlandschappelijke waarden in de ruimtelijke ordening? Cursusplaatsen: Zwolle, ’s-Hertogenbosch en Amersfoort. De cursus is bedoeld voor ambtenaren ruimtelijke ordening en cultuurhistorie.
> Meer info
Terug naar boven
beeld 4
Al zo’n 35 jaar kennen we de provinciale Monumentenwacht als onafhankelijke onderhoudsadviseur, waarvan de inspecties zich primair op de bouwkundige constructies, daken en gevels richten. Monumentenwacht Noord-Brabant kent als enige sinds 2006 óók een interieurwachter. Omdat juist die inspecties zeer waardevol blijken voor duurzaam behoud van historische interieurs, krijgt het Brabantse initiatief wellicht landelijk navolging.

Voor de instandhouding van cultuurhistorisch waardevolle interieurs blijkt de inzet van de Brabantse interieurwacht zó positief, dat de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap via MoMo laat onderzoeken of dit landelijk navolging moet krijgen.
Het interieur vormt een essentieel aspect van een monument, maar ook een zeer kwetsbaar onderdeel. Bovendien zijn nogal wat cultuurhistorisch waardevolle interieurs privé in gebruik. Kennis en inzet van eigenaren zijn voor de instandhouding doorslaggevend. Inspectie van de interieurwacht blijkt daarbij in Brabant bijzonder zinvol.
Monumentenwacht Nederland en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed presenteren in september samen een rapport dat duidelijk maakt of een landelijke interieurwacht wenselijk is en wat de effecten zijn.
Terug naar boven
beeld 5
Goed nieuws: binnenkort wordt de procedure voor de milieu-effectrapportage eenvoudiger. Meer over cultuurhistorie en de milieu-effectrapportage staat centraal tijdens de workshop ‘Meer met MER’ op 7 oktober.

De milieueffectrapportage en de maatschappelijke kosten/batenanalyse (MKBA) zijn, zoals bekend, belangrijk voor besluitvorming over bouw- of ontwikkelingprojecten. Vanaf 1 juli wordt de procedure voor de milieu-effectrapportage eenvoudiger (zie www.infomil.nl, www.commissiemer.nl en www.vrom.nl).
Vanaf 1 juli kennen we drie typen milieu-effectrapportages:
  1. de plan-MER
  2. de beperkte project-MER
  3. de uitgebreide project-MER
Hoe je met cultuurhistorische belangen kunt omgaan in de ‘nieuwe’ MER is het onderwerp van de workshop ‘Meer met MER’ op 7 oktober aanstaande. De workshop is een gezamenlijk initiatief van de Commissie voor de milieu-effectrapportage en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en is bedoeld voor opdrachtgevers en opdrachtnemers.
> Interesse?

De Handreiking cultuurhistorie in m.e.r. en MKBA blijft van kracht.
Terug naar boven
beeld 6
Onder de nieuwe naam Onderzoeks- en Onderwijsnetwerk Erfgoed en Ruimte gaat het onderwijsnetwerk Belvedere komend najaar zijn tweede fase in. Dan wordt het een onderwijs- én onderzoeksnetwerk.

Met de herbenoeming van Eric Luiten als Belvederehoogleraar in Delft is de continuïteit van het netwerk gewaarborgd. Nu staan werving van een netwerkmanager en de benoeming van nieuwe hoogleraren aan de Vrije Universiteit Amsterdam en de Universiteit Wageningen nog op de agenda. Het secretariaat en netwerkmanagement is te vinden bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

Meer weten? Mail met kwartiermaker Monique Eerden, m.eerden@cultureelerfgoed.nl.
Terug naar boven
beeld 7
Een nieuw kabinet, een nieuwe agenda voor de herbestemming van monumenten en cultuurhistorisch waardevolle objecten/complexen. Althans: dat is de bedoeling. Tal van organisaties met een hart voor herbestemming werken aan een gezamenlijke agenda om herbestemming te stimuleren: de Nationale Agenda Herbestemming.

De Nationale Agenda Herbestemming zet in op bevordering van herbestemming, kennisdeling en agendasetting. Het onderwerp moet voor het voetlicht worden gebracht bij politiek en publiek.
Ook wordt gewerkt aan subsidiemogelijkheden voor onderzoek naar haalbaarheid van herbestemming en voor mogelijkheden om panden (die in aanmerking komen voor herbestemming) wind- en waterdicht te maken. Op 24 juni vindt een door het Nationaal Programma Herbestemming ondersteund congres plaats over herbestemming.
> Meld je aan
Terug naar boven
beeld 8
Dit jaar startte de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed met het project KennisInfrastructuur Modernisering Monumentenzorg (kortweg KIMOMO). KIMOMO maakt de informatie over archeologie, gebouwd erfgoed en cultuurlandschap toegankelijker voor gemeenten, provincies, monumentenorganisaties en monumenteigenaren en legt verbindingen tussen erfgoedpartijen. Een goed functionerende kennisinfrastructuur wordt nu binnen het project ontwikkeld, waarmee erfgoedinformatie digitaal en online beschikbaar komt. Eind 2012 loopt het project af.
> lees meer
Terug naar boven
beeld 9
Het Brim 2011 (Besluit rijkssubsidiëring instandhouding monumenten) maakt instandhouding van monumenten beter en eenvoudiger voor eigenaren. Het Brim regelt de financiën van instandhouding. Kenmerken: planmatig onderhoud, eenvoudige regels, korte procedures en kwaliteit.

Het Brim 2011 ziet naar verwachting 1 januari 2011 het licht. Het besluit regelt financiële ondersteuning voor woonhuiseigenaren (laagrentende lening) en andere eigenaren van monumenten (subsidie). Een greep uit de maatregelen:
  • minder en eenvoudiger categorieën voor monumenten; de categorie ‘woonhuizen’ bevat geen boerderijen meer (alle boerderijen komen daarmee straks in aanmerking voor subsidie)
  • eigenaren met aanspraak op subsidie, kunnen ook kiezen voor een lening
  • eigenaren bepalen zelf of ze subsidie aanvragen voor het gehele monument, onderdelen daarvan of voor meerdere monumenten tegelijk
  • vereenvoudiging van de subsidiepercentages; het recht op fiscale aftrek van onderhoudskosten is niet langer relevant voor de hoogte van het subsidiepercentage
  • vereenvoudiging van de regels voor aangewezen organisaties voor monumentenbehoud
  • invoering van het rijksbrede uniform subsidiekader
  • openstelling voor archeologische monumenten
  • aanvragen van 15 januari tot en met 31 augustus
Terug naar boven
beeld 10
Leuker kunnen we het niet maken, wel makkelijker. Die slogan is nu ook van toepassing op de aanvraag van subsidies. De overheid heeft de aanvraag en verantwoording van rijkssubsidies eenvoudiger gemaakt. Het geheim? Heldere processen, minder controle en uitgaan van vertrouwen. Het nieuwe subsidiekader geldt onder andere voor het Brim 2011.

De uitgangspunten van het nieuwe subsidiekader per 1 januari 2010:
  1. Verantwoord vertrouwen
    • Als subsidieontvanger hoef je niet meer in alle gevallen rapportages en verantwoordingen op te leveren. Nadruk op de eigen verantwoordelijkheid dus.
  2. Hoe lager het subsidiebedrag, hoe lager de lasten
  3. Hoe lager het subsidiebedrag, hoe eenvoudiger de voorwaarden en hoe efficiënter de verantwoording. Het subsidiekader gaat uit van de volgende subsidie-grensbedragen:
    • tot € 25.000
    • vanaf € 25.000 tot € 125.000
    • vanaf € 125.000
  4. Sturen op prestaties en hoofdlijnen
    • Voor subsidies tot € 125.000 wordt een vast bedrag verstrekt waarmee de ontvanger een vooraf toegezegde prestatie moet leveren.
  5. Uniforme en eenvoudige regels
    • standaardtermijnen
    • minder voortgangsrapportages
    • voorschotten volgens een vast ritme
  6. Scherpe reactie bij misbruik
    • Vanzelfsprekend blijft de overheid misbruik van subsidiegelden tegengaan. Misbruik? Dan wordt de subsidie teruggevorderd.
Terug naar boven
beeld 11
Dik Trom, wie kent hem niet? De gezellige boerenzoon beleefde vele avonturen, die geschreven werden door kinderboekenschrijver Cornelis Johannes Kievit (1858-1931). Kievit schreef zijn eerste Dik Trom-boek in de avonduren in de periode dat hij als onderwijzer werkte op het dorpsschooltje in Etersheim, een dorpje vlak achter de Zuiderzeedijk nabij Oosthuizen.
Stichting ‘Het schooltje van Dik Trom’ zet zich in om in deze oude school een kinderboekenmuseum te vestigen.

Stadsherstel Amsterdam neemt de restauratie op zich. Er zijn nog onvoldoende middelen beschikbaar om het project te starten. Daarom is Stadsherstel druk doende om voldoende geld bijeen te krijgen, zodat de restauratie kan beginnen. Subsidies en donaties zijn dan ook zeer welkom.
Projectleider (vanuit Stadsherstel) is Stella van Heezik, telefoon (020) 520 00 60 of stella@stadsherstel.nl.
> Blijf op de hoogte

Ook een leuk project of ander voorbeeld voor deze rubriek?
> Meld het ons! Terug naar boven
beeld 13
Apeldoorn is MoMo-proof, vertelt Christien van Zuthem, teamleider Cultuurhistorie van de afdeling Stedenbouw en Cultuurhistorie van de gemeente. In gesprek over draagvlak, een integrale benadering en: tips voor collega’s.

Hoe is ‘cultuurhistorie’ georganiseerd in Apeldoorn?
“In Apeldoorn is stevig draagvlak voor cultuurhistorie. We hebben een wethouder Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Cultuurhistorie, Rob Metz. Dat betekent dat cultuurhistorie wordt meegewogen in de ruimtelijke context. Ook ambtelijk is cultuurhistorie breed ingebed in processen. En belangrijker: medewerkers zijn doordrongen van het belang ervan voor de kwaliteit van de openbare ruimte. Er is gewoon veel enthousiasme: onze aanpak geeft positieve energie.”

MoMo vraagt om een andere benadering. Welke heb jij gekozen?
“Een integrale aanpak op alle fronten. Niet alleen op inhoud, maar ook op het gebied van organisatie en processen. Zo willen we ervoor zorgen dat cultuurhistorie een volwaardige rol speelt in de totale zorg voor de ruimtelijke kwaliteit.”
“We gebruiken de cultuurhistorische analyse voor planologisch beleid, welstandsbeleid en de kwaliteit van de openbare ruimte. Cultuurhistorie wordt ook meegenomen door onze commissie Ruimtelijke kwaliteit en we hebben Cultuurhistorie samen georganiseerd met Stedenbouw en Ruimtelijke Ontwikkeling.”

Wat is de oogst van die integrale benadering?
“Wij merken dat dit vruchten afwerpt. Door er vroeg bij te zijn in het proces, kun je cultuurhistorie volwaardig meenemen in de kaders die je stelt voor beleid. Dit levert inhoudelijk en ruimtelijk kwaliteit op, maar ook een prettiger samenwerking. En dat zorgt er weer voor dat je elkaar sneller opzoekt.
Natuurlijk loop je soms tegen ‘oude afspraken’ aan. In het dorp Uddel bijvoorbeeld, wordt een enk bebouwd. Onze analyse leert dat die enk zeer waardevol is, maar gezien bindende afspraken is openhouden geen optie. Onze insteek is nu: het zicht op de enk openhouden zodat die ‘beleefbaar’ blijft. Zo zoek je dan soms de weg tussen cultuurhistorische waarde zoveel mogelijk behouden en constructief meedenken.”

Zijn er problemen met plankosten?
“Cultuurhistorie wordt zoals gezegd vroegtijdig in het proces meegenomen, ook wat betreft financiële kaders. Dat levert dus geen problemen op. Zijn er wel problemen met plankosten, dan hebben we vroeg in het traject meer mogelijkheden voor onderzoek en sturing. Hierdoor kunnen we alternatieven beter afwegen. Overigens komt onze inzet ‘vroeg in het proces’ ten laste van de algemene uren van de gemeente. Met de komende bezuinigingen moeten ze kijken of we deze insteek kunnen houden. Dat geldt helaas ook voor de budgetten voor onderzoek, analyse en waardering op het gebied van cultuurhistorie.”

Kunnen andere gemeenten jullie aanpak gemakkelijk navolgen?
“Onze aanpak is natuurlijk niet van vandaag op morgen ontstaan. Het is een groeiproces geweest, met als start het samengaan van Cultuurhistorie en Stedenbouw in één afdeling. Maar natuurlijk kunnen andere gemeenten het ook zo doen. Belangrijk is wel een basisgevoel van urgentie voor het behoud van identiteit en voldoende draagvlak, politiek, bestuurlijk en ambtelijk.”

Heb je tips voor collega’s?
“Zoek naar aanknopingspunten in het voortraject van processen: bestemmingsplannen, projecten, gebiedsontwikkelingen, noem maar op. Betrek het bestuur, de politiek en ook de bevolking erbij. Zorg dat cultuurhistorie onderdeel uitmaakt van het gemeentelijk beleid voor ruimtelijke kwaliteit. Wees reëel en denk in kansen. En, misschien een open deur: zoek mee naar creatieve herbestemmingen. Juist nu is het de tijd voor behoud door ontwikkeling.”

Meer weten over de Apeldoornse aanpak?
> Mail naar Christien, c.vanzuthem@apeldoorn.nl
Terug naar boven
beeld 14
 
Colofon
Deze nieuwsbrief is een uitgave van:
Directie Cultureel Erfgoed
Directie Communicatie
Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

InfoDesk
Voor vragen over Modernisering Monumentenzorg kunt u terecht bij:
InfoDesk Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

T 033-4217456
info@cultureelerfgoed.nl

 

Dit bericht kan informatie bevatten die niet voor u is bestemd. Indien u niet de geadresseerde bent of dit bericht abusievelijk aan u is toegezonden, wordt u verzocht dat aan de afzender te melden en het bericht te verwijderen.
De Staat aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade, van welke aard ook, die verband houdt met risico's verbonden aan het elektronisch verzenden van berichten.

This message may contain information that is not intended for you. If you are not the addressee or if this message was sent to you by mistake, you are requested to inform the sender and delete the message.
The State accepts no liability for damage of any kind resulting from the risks inherent in the electronic transmission of messages.