Bijzonder complex 16e eeuws scheepsgeschut onderzocht

Door Arent Vos

In 2006 heeft het archeologisch duikteam van de RACM een waardestellende verkenning uitge voerd op een scheepswrak in de Westerschelde. Uit het werk komt het beeld naar voren van een grote bult ballaststenen, waaronder een groot stuk scheepsbodem. Door extreme erosie zijn de omringende Holocene en zelfs de Pleistocene sedimenten geheel verdwenen en veruit het grootste deel van het schip is weg. Het reste rende deel wordt nu bedreigd door een zeer diepe stroomgeul, die een deel van het schip al heeft opgeslokt. Bovendien is de vindplaats bedreigd door de aanstaande “Derde Verruiming van de Westerschelde”.

In de constructie zijn aanwijzingen gevonden die erop kunnen duiden dat het schip is omgebouwd van handelsschip tot oorlogsschip. Een alternatieve verklaring is dat het schip is uitgerust volgens speciale voorschriften van Karel V in 1550/1551. Vanwege grote dreiging door kaapvaart en piraterij werd sindsdien ook aan handelsschepen voorgeschreven een zware bewapening te voeren. Dendrochronologisch onderzoek heeft uitgewezen dat het schip omstreeks 1555/1560 in de vaart moet zijn gekomen, dus deze ordonnantie was aktueel. Gezien de gemiddelde levensduur van grote zeegaande schepen in die dagen moet de ondergang eveneens in de 16e eeuw worden gesitueerd.

De belangrijkste vondstcategorie zijn de kanonnen; het vondstcomplex is wat dat betreft buitengewoon belangrijk te noemen. Zelf heeft het duikteam 3 complete exemplaren geborgen plus een fragment, maar eerder waren door sportduikers al 5 of 6 stukken geborgen. Twee prachtexemplaren waren al direkt verkocht: het betreft een fraai versierd bronzen stuk en een gietijzeren kanon, waarin het Bourgondische vuurslagmotief was gekerfd. De informatie is echter achterhaald en drie kanonnen zijn aan ons overgedragen; het exemplaar met het Bourgondische wapen is ook toegezegd. Behalve van brons en gietijzer is een aantal kanonnen gemaakt van smeedijzer: opgebouwd van staven en hoepen. Er zitten zowel achterladers als voorladers bij. Op dit moment wordt op verschillende manieren gewerkt aan de kanonnen: ten eerste is conservering van groot belang, maar conservering van ijzer uit de zee is erg lastig en zelfs experimenteel te noemen. Daarnaast wordt gewerkt aan documentatie en beschrijving van de kanonnen. Inmiddels is in verschillende formats de algemene informatie betreffende het onderzoek gepubliceerd. Binnenkort verschijnt ook een RAM-rapport. Ook wat betreft de conservering wordt gewerkt aan een artikel en wanneer de kanonnen “klaar” zijn zullen de resultaten hiervan apart worden gepubliceerd. Er zijn diverse onderzoekers, die nu al uitkijken naar deze resultaten.

5000 Jaar oude boomstamkano uit de Wieringermeer in Lelystad

Door Laura Koehler

De kano van de Wieringermeer werd in september 2007 ontdekt bij graafwerkzaam- heden in het natuurontwikkelingsgebied Dijksgatweide in de provincie Noord-Holland. De eikenhouten kano, uit omstreeks 3300 v Chr. is één van de oudste, meest complete kano’s die tot nu toe in Nederland is gevonden. De kano stamt uit de tijd van de zogenaamde De provincie Noord-Holland vindt het belangrijk dat deze unieke vondst wordt onderzocht en behouden blijft en heeft daarom opdracht gegeven om de kano op te graven en te conserveren. Behoud van de kano in de bodem was niet mogelijk vanwege de ondiepe ligging en de in de toekomst te verwachten begroeiing van het terrein. Het vaartuig is daarom in december 2007 samen met de omliggende grond in een op maat gemaakte stalen bekisting per dieplader overgebracht naar de RACM in Lelystad.
Uit vooronderzoek was al gebleken, de houtkwaliteit van de kano zodanig was, dat het in aanmerking kwam voor conservering met PEG, een wasachtige substantie, die het water in de houtcellen vervangt. In Nederland heeft alleen de RACM in Lelystad faciliteiten om dergelijke grote objecten te impregneren.

In de afgelopen twee weken is de bovengrond van de kano verwijderd en werd langzamerhand duidelijk wat er daadwerkelijk over was van de vondst, en dat is gelukkig veel!
De kano is minstens 7.53 m lang en door de druk van de grond behoorlijk plat geworden, zodat de oorspronkelijke breedte nog niet duidelijk is. Aan de vermoedelijke voorzijde is een gat in het boord gemaakt, mogelijk om de kano met een touw vast te kunnen leggen. Verder is er een reparatie zichtbaar en diverse andere details, die nog verder worden onderzocht.
Op 9 april jl. heeft Mevrouw Sacha Baggerman, Gedeputeerde van de Provincie Noord-Holland de kano in Lelystad onthuld.

In de komende weken wordt de kano gedocumenteerd met behulp van een digitale meetarm. Vervolgens worden er op maat gemaakte epoxy mallen vervaardigd om de kano tijdens de anderhalf jaar durende conservering in vorm te houden.

Publieksmiddag:
Woensdagmiddag 23 april zet RACM Lelystad haar deuren open en bent u van harte welkom om deze unieke kano te komen bezichtigen. U kunt terecht van 14.00 tot 16.00 uur. Laura Koehler zal dan uitleg geven en vragen beantwoorden.

Nieuwe glazen buitenvitrine op terrein racm lelystad

Door Lies Resink

Op 16 april is door de Directeur Generaal Cultuur van het Ministerie OCW op het buitenterrein van RACM Lelystad een nieuw tentoonstellingspaviljoen geopend. In aanwezigheid van vele genodigden werd een herinneringspaneel onthuld, waarna kanonschoten klonken en het glas werd geheven.
Op 1 juni 2005 ondertekenden ondermeer het Op 1 juni 2005 ondertekenden ondermeer het Ministerie van OCW en de provincie Flevoland een cultuurconvenant waarbij elk 500.000 euro beschikbaar stelde om het publieksbereik van de scheepsarcheologie te vergroten. Met behulp van deze gelden is nu een prachtige glazen buitenvitrine gerealiseerd, een innovatief ontwerp van Jur Jonges. Deze “RACM etalage” is speciaal gebouwd voor het wrak van de 17e eeuwse beurtvaarder dat in 1980 werd opgegraven in het centrum van Lelystad. Dit schip is één van de honderden scheepswrakken die in de loop van de tijd in de Flevopolders zijn aangetroffen en door de RACM zijn onderzocht, geconserveerd en gerestaureerd. Rondom Lelystad liggen honderden scheepswrakken, die samen het grootste scheepskerkhof ter wereld vormen.

De geëxposeerde beurtvaarder was rond 1620 onderweg van Hasselt naar Amsterdam toen het verging op de Zuiderzee. Het is één van de best bewaarde en interessantste scheepswrakken die zijn opgegraven in Flevoland. Het schip (circa 16x6 meter) was in zo’n goede staat dat besloten werd het in haar geheel te bergen. Scheepsarcheologisch specialisten van de RACM zijn jaren bezig geweest met conservering van schip en inventaris: huisraad, gereedschap, kombuisgoed, persoonlijke bezittingen, etc. Aan de hand van deze ‘tijdscapsule’ kunnen RACM-specialisten meer informatie verzamelen over het leven aan boord van dit snelste en goedkoopste transportmiddel uit de Gouden Eeuw.

De nieuwe vitrine maakt onderdeel uit van het Nationaal Scheepsarcheologisch Depot, een open depot dat gratis toegankelijk is voor publiek. In dit depot kunt u onder andere de bij de beurtvaarder aangetroffen lading en -inventaris zien.
RACM Lelystad is hét kenniscentrum op het gebied van scheepsarcheologische monumentenzorg. De bouw van deze vitrine is een volgende stap in de ontwikkeling om scheepsarcheologische werkzaamheden vanuit de Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten (RACM) meer zichtbaar te maken voor de buitenwacht.

Lees meer over de beurtvaarder op http://www.racm.nl.

Start project Zwammerdam schepen

Door Yardenl Vorst

In de zeventiger jaren werd nabij Alphen aan de Rijn een bijzondere scheepsarcheologische vondst gedaan: in Zwammerdam werden resten van zes Romeinse vaartuigen aangetroffen. Het betrof drie riviervrachtschepen (platbodems met een lengte van ruim 20 meter; één is zelfs 34 meter lang), drie boomstamkano’s die als viskaar (vaartuig voor transport én vers houden van vis) waren gebruikt plus een bijna 5,5 meter lang Romeins roer.

In januari is bij RACM Lelystad een project rond deze Zwammerdam schepen gestart. Het maakt deel uit van een door NWO gefinancierd onderzoeksprogramma, waarbij o.a. gekeken wordt naar de houthandel en scheepvaart in de Romeinse tijd in ons land. De bekende scheepsvondsten uit de jaren ’70 worden opnieuw onderzocht en geprobeerd wordt de herkomst van het scheepshout te achterhalen. De jaarringpatronen worden bij dit project vastgelegd met een digitale tekenarm, waarmee gemeten wordt op de uiteinden van planken. Op deze manier verkrijgt men de dendrochronologische gegevens zonder dat daarvoor het scheepshout extra moet worden verzaagd. Aangezien voor herkomstbepaling (dendroprovenancing) een hoog aantal jaarringmetingen nodig is, is de tekenarm hier een ware uitkomst.
De komende maanden zal bij RACM Lelystad worden gewerkt aan het Zwammerdam schip nummer 2. Deze platbodem is na conservering enige tijd te zien geweest in het Maritiem Museum van Rotterdam en zal nu opnieuw worden opgebouwd. De komende jaren komen ook de andere twee geconserveerde schepen aan bod, waarna het onderzoek zal worden afgerond met een analyse van het scheepstype ‘Zwammerdam’.

DISCLAIMER:
De informatie verzonden met dit e-mail bericht is uitsluitend bestemd voor de geadresseerde. Openbaarmaking, vermenigvuldiging, verspreiding en/of verstrekking aan derden is niet toegestaan. Aan berichten via e-mail kunnen geen rechten ontleend worden. Gebruik van deze informatie door anderen dan de geadresseerde is verboden. U wordt verzocht bij onjuiste adressering de afzender direct te informeren door het bericht te retourneren.