Naar de navigatie

Romeinse platbodems

Vroeger nam men aan dat Romeinse platbodems voor eenmalig gebruik als containerschip met militaire doeleinden in Duitsland werden gebouwd. Maar gaandeweg bleek dat platbodems ook in Nederland werden gebouwd, dat er samenwerking tussen militairen en burgers aan ten grondslag lag en dat ze niet eenmalig gebruikt werden.

Achtergrond en inhoud

De doelstelling van het project is de wisselwerking tussen Romeinse en inlandse kennis en bouwsystemen ten aanzien van platbodems te beschrijven en te analyseren. We willen weten wat de vraag naar hout was voor de Romeinse platbodems, wat de functie en het gebruik van die platbodems was en welke veranderingen er optraden in het ontwerp en de constructie.

De eerdere opgravingen van de platbodems De Meern 1, De Meern 4 en Woerden 7 vormden de aanleiding voor dit onderzoek. Onderzoek aan platbodem De Meern 4 laat zien dat de bouwers bewust experimenteerden met een combinatie van bouwtechnieken uit het gebied ten noorden van de Alpen en het mediterrane gebied. Daarnaast laat het onderzoek zien wat de aanlevering van hout was over de Rijn en de Moezel vanuit Duitsland naar Nederland.

Trial and error
De focus van het onderzoek ligt op hoe ontwerp en ambacht via ‘trial and error’ werden gecombineerd. Met als doel uiteindelijk een platbodemtype te ontwikkelen dat oude en nieuwe taken op een nieuwe manier kon uitvoeren. Was er een relatie tussen de manier waarop platbodems gebouwd werden en de uitwisseling tussen inlandse en Romeinse kennis op het gebied van bouwen? Aangenomen wordt dat de vorm en afmetingen van de platbodems, het materiaalgebruik voor de bouw en de manier waarop gebouwd werd inderdaad het resultaat zijn van interactieve kennisuitwisseling.

Dendrochronologie
Voor dit onderzoek maken we niet alleen gebruik van historische en archeologische gegevens, maar ook van dendrochronologische gegevens. Het onderzoek laat zien dat die gegevens niet alleen te gebruiken zijn voor houtdateringen. De data kunnen ook worden ingezet voor het bepalen van de herkomst van de houtsoort, om te bekijken hoe hout werd verwerkt en gebruikt en om te achterhalen op welke manier platbodems werden gebouwd.

In de verschillende deelprojecten kijken we naar het Romeinse gebruik van bossen en naar scheepsbouw. Het deelproject ‘Barges of the Zwammerdam type ‘ richt zich op de dendrochronologische analyse van de schepen van Zwammerdam. Met als doel de datering, bouwvolgorde, houtherkomst en gebruiksduur te achterhalen.

In het deelproject ‘Roman barges from the transalpine region’ combineren we geïntegreerd resultaat met de al aanwezige kennis over Romeinse platbodembouw.

Projectleiders

J. Bazelmans en E. Jansma, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

Betrokkenen

J.M.A.W. Morel, R.M. Visser, Y.E. Vorst (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed), R. Bockius (Museum für Antike Schiffahrt, Mainz)  en F.J.A.M. Meijer (Universiteit van Amsterdam).

Planning

2007 – 2011